X.4 Herman van de Pavordt
pachter van de Hoogenaer bij Etten
(ca 1625? - ca 1688)
Hij trouwde met:
♀ N.N.[Lippitz]
Voor hun nazaten zie ook: Robert Keurntjes (2021). "Van de Pavordt/Van de Pavert", in: historisch tijdschrift De Ganzeveer, oktober 2021, nummer 93, Gendringen: OVGG, p.16-21
Herman wordt in 1651 genoemd in de kribberekeningen van Millingen omdat hij hout vervoerd heeft voor de ambtman [AHB, inv.nr.5188, dig.afb.102].
In het register op het Klevischer Kataster uit 1667 wordt hij genoemd als opvolger van Rut Lippitz [GA, toegang 0371 Huis Aerdt, inv.nr. 544, folio 32] van een stuk grond de Hengmeng. In 1681 draagt Steven Arntz dit stuk grond over aan Friedrich Bötterling. [GA 0371 Huis Aerdt, inv.nr.578]
Aangezien Herman in die tijd al in Etten woont ligt het voor de hand dat Rut Lippitz en Ermken Moers zijn schoonouders zijn.
Van 1658-1688 pacht hij de Hoogenaer bij Etten. [AHB, inv.nr.3687, dig.afb.049, eerste vermelding in 1658. AHB, inv.nr.3744, laatste vermelding in boekjaar 1687-1688] De opstal is waarschijnlijk in zijn bezit aangezien dat in 1693 door Steven Arntz (echtg. van Willemke van de Pavordt) en Jan van de Pavert wordt verkocht aan de graaf van den Bergh. [AHB, inv.nr.3999]
We zien Steven Arntz dus in twee situatie als opvolger van Herman en omdat hij en Willemke hun tweede zoon ook Herman noemen lijkt het mij voor de handliggend dat Willemke een dochter is van Herman.
Daarmee is ook wel duidelijk dat de Herman in Etten en die in Millingen dezelfde is en zoon van Johan van de Pavordt en Geertruit Strijtholt.
Zij waren de ouders van:
1. Jan van de Pavordt, vrijwel zeker identiek aan "Joannes van de Pavort avus [grootvader], et ejus filia [zijn dochter] Joanna van de Pavort", die doopgetuige was op 12 mei 1702 in Gendringen bij Henricus zoon van Henricus van de Pavort en Joanna de Witt. Hij lijkt daarmee de voorvader van de familie Van de Pavert in Gendringen.Dat er vier kinderen geweest zijn mogen we vermoeden omdat bij de verkoop van de opstal van de Hoogenaer in 1693, 1/4 deel aan Jan van de Pavort toekwam en 3/4 deel aan Steven Arntz. Klaarblijkelijk is de erfenis ooit in vieren gedeeld waarvan Steven en Willemke vervolgens nog twee kwarten hebben verworven. [AHB 0214, inv.nr.3999]
2. Willemke van de Pavordt, tr. Millingen 28 maart 1680 Steven Arntz,
3. dochter van de Pavordt, tr. Jan Esinck op de Heugenaer, vermeld in 1685
4. zoon of dochter, waarschijnlijk overl. voor 1693.
De belangrijkste literatuur:
1. W. de Vries (1939). "Stamreeksen Van den Pavordt", De Nederlandsche Leeuw 57, 120-126, 148-160, 223-227, 263-271, 301-309 en 517-519
2. G. Koobs (1999). Koobs uijt het Woolt, Deel 4b, Onze voorouders Van den Padevoort,, Deventer: eigen uitgave
3. Robert Keurntjes (2020). "Van de Pavordt: toch één Millingsche tak", De Nederlandsche Leeuw, Jaargang CXXXVII, Nr.3, 97-110.
4. Robert Keurntjes (2021). "Van de Pavordt/Van de Pavert", in: historisch tijdschrift De Ganzeveer, oktober 2021, nummer 93, Gendringen: OVGG, p.16-21
GV93-vdPavert
verwante families in
Bijlandt en Millingen
I Johan van den Padevoort
II Rutger van den Padevoort
III Johan van den Padevoort
IV Otto van den Padevoort
V Henrick Ottensz.
VI Jorden van den Padevoorts bastaard
VII.1 Rijck (Ochten-Emmerik)
VII.2 Johan Jordensz (Millingen)
VII.4 Diederik de secretaris
VII.5 Hector (Herwen)
X.2.1.1.2 Herman van de Pavordt (Gendringen)
XI.2.1.1.2.2 Willemke van de Pavordt