Hendrik de Laer, geb. ca 1637, Millingen , ovl. 16 jul 1719, Millingen (Leeftijd 82 jaar)
Aantekeningen
Op 6 jan 1681 maken Derick Brants en Maria Brants een testament voor de schepenen van de heerlijkheid
Halt voor hun kinderen, “benentlich Stephan Brants, Johannam Brants, Jan Brants, Bart Brants undt
Jenneken Schutten, alss ihrer verstorbenen Tochter Judithen Brandts hinterlassenes unmundiges kindt”. Op
3 okt 1696 regelt Evertgen Scholten de nalatenschap van Jenneke Brants de voordochter van haar overleden
man Johan Brants en noemt als haar “ohm und möhn” (oom en tante) Steven Brants, Hendrick de Laer en
Jan Moers (tr. Mechtildis Hollander weduwe Bart Brants). [1]
Kinderen
1. Henricus de Laer, geb. ca 1670, ovl. voor 1719 (Leeftijd 49 jaar)
2. Arnoldus de Laer, geb. ca 1675, ovl. 27 januari 1726, Millingen (Leeftijd 51 jaar)
3. Gerardus de Laer, geb. ca 1677, Millingen , ovl. 18 apr 1726, Millingen (Leeftijd 49 jaar)
[S19] schepenbank Halt, AA 0064 / Kleve, Gerichte AA 0064, Nr. 2612., 6 januari 1681.
Op 6 jan 1681 maken Derick Brants en Maria Brants een testament voor de schepenen van de heerlijkheid
Halt voor hun kinderen, “benentlich Stephan Brants, Johannam Brants, Jan Brants, Bart Brants undt
Jenneken Schutten, alss ihrer verstorbenen Tochter Judithen Brandts hinterlassenes unmundiges kindt”. Op
3 okt 1696 regelt Evertgen Scholten de nalatenschap van Jenneke Brants de voordochter van haar overleden
man Johan Brants en noemt als haar “ohm und möhn” (oom en tante) Steven Brants, Hendrick de Laer en
Jan Moers (tr. Mechtildis Hollander weduwe Bart Brants)